Kleine verschillen zien tussen woorden: ronde, open en brede klinkers

rood

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

raad

red

rood

steen

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

steen

staan

steun

aap

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

aap

op

eb

lood

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

liet

laat

lood

dier

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

deur

daar

dier

doen

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

Daan

Deen

doen

bus

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

Bas

bus

bed

sip

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

sip

sap

soep

staren

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

staren

stieren

storen

breed

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen brede, open en ronde klinkers. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

braad

breed

brood

Einde Oefening 9

Je hebt een score behaald van:

0%
Volgende oefening

Einde Les 5

Nu u al veel mondbeelden geleerd hebt, zult u vast al steeds meer mondbeelden herkennen tijdens een gesprek. Houd er rekening mee dat u nooit alle geoefende mondbeelden zult herkennen. Omliggende klanken kunnen het zicht in de mond onmogelijk maken. Bovendien worden de klanken in een gesprek in een zeer snel tempo achter elkaar uitgesproken. Het helpt natuurlijk wel als uw gesprekspartner rustig en duidelijk spreekt.

Tip! Doe de oefeningen van les 1 en 2 nog eens. Kijk of u tongpuntklanken l-n-t-d-s-z-r en de brede, meer gesloten klinkers ie-ee-i-e herkent in de woorden en zinnen. 

Tip! Probeer te ontdekken welke r mensen om u heen gebruiken. Kunt u de r zien, dan is het een tongpunt-r.

Tip! Kijk welke klanken u het beste recht-voor of juist meer van opzij bij uw gesprekspartner kunt afzien.

Naar Hoofdmenu