Kleine verschillen zien tussen woorden: lip-, liptand- en tongpuntklanken

vaart

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

taart

maart

vaart

vod

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

tot

pot

vod

bed

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

zet

vet

bed

zijn

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

zijn

fijn

mijn

gevaar

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

gevaar

gebaar

gestaar

bowlen

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

bowlen

bomen

boven

gelaat

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

gelaat

gewaad

gebaat

stap

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

staf

stap

stad

huif

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

Huib

huil

huif

gaas

Welk woord zie je? Kijk goed naar de verschillen tussen de lipklanken, liptandklanken en de tongpuntklanken. Probeer deze oefening zo snel mogelijk te doen.

gaaf

gaas

gaap

Einde Oefening 6

Je hebt een score behaald van:

0%
Volgende oefening

Einde Les 5

Nu u al veel mondbeelden geleerd hebt, zult u vast al steeds meer mondbeelden herkennen tijdens een gesprek. Houd er rekening mee dat u nooit alle geoefende mondbeelden zult herkennen. Omliggende klanken kunnen het zicht in de mond onmogelijk maken. Bovendien worden de klanken in een gesprek in een zeer snel tempo achter elkaar uitgesproken. Het helpt natuurlijk wel als uw gesprekspartner rustig en duidelijk spreekt.

Tip! Doe de oefeningen van les 1 en 2 nog eens. Kijk of u tongpuntklanken l-n-t-d-s-z-r en de brede, meer gesloten klinkers ie-ee-i-e herkent in de woorden en zinnen. 

Tip! Probeer te ontdekken welke r mensen om u heen gebruiken. Kunt u de r zien, dan is het een tongpunt-r.

Tip! Kijk welke klanken u het beste recht-voor of juist meer van opzij bij uw gesprekspartner kunt afzien.

Naar Hoofdmenu